Wat is Iran van plan?

Verschenen in:

Public Discussion

Instabiliteit vormt een grote bedreiging voor het leiderschap

Wie wil begrijpen wat Iran van plan is, moet misschien eerst een andere vraag stellen: wat willen de Iraniërs zelf?

Iran wordt vaak bekeken door de ogen van zijn politieke en religieuze leiders. Maar het beleid van een land en de opvattingen van zijn bevolking zijn niet noodzakelijk hetzelfde. In Iran lijkt die afstand bijzonder groot.

Tijdens de 77e WAPOR-conferentie in Seoul, Zuid-Korea, presenteerde ik op 30 juli 2024 onderzoek naar de publieke opinie in Iran. Daarbij stond niet alleen centraal wat Iraniërs denken, maar ook een veel fundamentelere vraag: kunnen we in een autoritair regime eigenlijk betrouwbaar meten wat mensen werkelijk vinden?

Jonge Iraniërs met skyline van Teheran en subtiele verwijzing naar opinieonderzoek, passend bij de vraag wat Iran van plan is.

Wat is Iran van plan en wie bepaalt dat?

De Opperste Leider vormt de hoogste politieke en religieuze autoriteit van Iran. Onder zijn gezag vallen onder meer de strijdkrachten, de rechterlijke macht en de staatsmedia. Ook op terreinen als buitenlands beleid, economie, onderwijs en verkiezingen heeft de Opperste Leider grote invloed. Zijn greep op vitale onderdelen van de economie wordt doorgaans onderschat. Door de slechte leef- en levensomstandigheden wordt de bevolking afgeknepen.

Wie vraagt wat Iran van plan is, vraagt daarom in feite voor een belangrijk deel naar de plannen van het Iraanse leiderschap. Maar daarmee weten we nog niet wat Iran denkt. Een land bestaat immers niet alleen uit zijn machthebbers. Het bestaat uit vijfentachtig miljoen  mensen met eigen waarden, zorgen, verwachtingen en ambities. Juist daar ligt een probleem wanneer we de publieke opinie in Iran proberen in kaart te brengen.

Kunnen Iraniërs vrijuit zeggen wat zij denken?

In een vrije, democratische samenleving gaan we er betrekkelijk gemakkelijk van uit dat iemand bij een opinieonderzoek zegt wat hij of zij werkelijk vindt. Bij gevoelige onderwerpen is enige voorzichtigheid geboden en weet je als onderzoeker dat veel mensen zich wat braver of slimmer willen voordoen dan zij in werkelijkheid zijn.

In een autoritair regime ligt dat anders. Wie weet of vermoedt dat kritiek op de overheid gevolgen kan hebben, denkt wel een paar keer na voordat hij of zij antwoord geeft. Zeker wanneer een interviewer tegenover je zit of telefonisch vragen stelt.

Dat blijkt ook uit de verschillen tussen onderzoeksmethoden. Bij de vraag of het goed is om door religieuze wetten te worden bestuurd, lopen de uitkomsten tussen face-to-face onderzoek en internetonderzoek sterk uiteen. Bij onderzoek naar de waardering voor toenmalig president Ebrahim Raisi zien we zelfs een verschil van meer dan 50 procentpunten tussen beide onderzoeksmethoden. Dat zijn geen statistische afwijkingen, ze raken de kern van de vraag: welk antwoord kunnen we vertrouwen? Hoe komen wij met ons onderzoek het dichtste bij de werkelijkheid.

Opinieonderzoek in een autoritair regime

Opinieonderzoek meet attitudes, overtuigingen en meningen. Deze metingen zijn indicatoren voor te vewachten gedrag. Maar dat werkt alleen wanneer respondenten voldoende vrijheid ervaren om hun werkelijke mening te geven. Juist gevoelige politieke en maatschappelijke vragen kunnen in een land als Iran worden beïnvloed door sociale wenselijkheid, angst en mogelijke repressieve controle. Daarom is de manier waarop onderzoek wordt uitgevoerd essentieel.

Voor het onderzoek dat ik in Seoul presenteerde, werden tussen 11 september en 16 oktober 2023 Iraniërs die in Iran wonen via internet ondervraagd. De eerste vragenlijst werd ingevuld door 1.977 respondenten. Vervolgens namen 1.044 van hen deel aan een tweede onderzoek ronde. Bij de samenstelling van de steekproef werd rekening gehouden met leeftijd, geslacht, opleiding en regio om tot een zo evenwichtig mogelijk landelijk beeld te komen.

Een land vol tegenstellingen

Uit het onderzoek komt een Iran naar voren dat moeilijk in één politieke of religieuze omschrijving te vangen is. Het land is rijk aan natuurlijke hulpbronnen, maar veel inwoners ervaren economische onzekerheid. Het opleidingsniveau is relatief hoog, terwijl goed opgeleide mensen niet vanzelfsprekend de kansen krijgen die zij verwachten. Iran is ontwikkeld en kent een eeuwenoude cultuur, maar is tegelijkertijd in belangrijke mate geïsoleerd van de buitenwereld. Daar komt de spanning tussen religie, traditie en maatschappelijke verandering bij. Wie uitsluitend naar het regime kijkt, mist daardoor een belangrijk deel van Iran.

Jonge Iraniërs kijken anders naar hun toekomst

Vooral bij jonge Iraniërs wordt zichtbaar dat maatschappelijke veranderingen zich moeilijk laten tegenhouden. Onder jongeren van 14 tot 24 jaar zien we, net als elders in de wereld, een sterke belangstelling voor avontuur, nieuwe ervaringen, kunst, sociale netwerken, persoonlijke ontwikkeling en het vormgeven van een eigen identiteit.

Tegelijkertijd maken zij zich zorgen over wezenlijke maatschappelijke onderwerpen. Vrijheid van meningsuiting, politieke polarisatie, ongelijkheid tussen mannen en vrouwen, discriminatie van etnische minderheden, seksueel geweld en religieuze corruptie behoren tot hun zorgen. Daarmee ontstaat een fundamentele spanning.

Een jonge generatie die via internet ziet hoe leeftijdgenoten elders leven, denkt en reizen, laat zich niet eenvoudig afzonderen van de rest van de wereld. Grenzen kunnen mensen fysiek tegenhouden. Ideeën zijn veel moeilijker tegen te houden. Alleen door wrede en brute onderdrukking kan het regime haar positie nog handhaven.

De kloof tussen bevolking en leiderschap

Gesprekken met jonge Iraniërs op een vertrouwde en veilige plaats versterken het beeld van een diepe polarisatie tussen het theocratische leiderschap en een groot deel van de bevolking.

In mijn onderzoek komt naar voren dat slechts een kleine minderheid het theocratische leiderschap daadwerkelijk steunt. Vooral onder jongeren is het verlangen naar verandering groot. Dat betekent niet dat alle Iraniërs hetzelfde denken. Iran kent grote verschillen tussen generaties, sociale groepen, regio’s, opleidingsniveaus en religieuze overtuigingen. Wie beweert namens ‘de Iraniër’ te spreken, maakt dezelfde fout als degene die uitsluitend naar het regime kijkt. Maar de afstand tussen de waarden van een belangrijk deel van de bevolking en het politieke, religieuze systeem van de leiders is moeilijk te negeren.

Traditie en verandering bestaan naast elkaar

Daarbij moeten we oppassen voor een te eenvoudig westers beeld van Iran. Uit het onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat familie, financiële zekerheid, sociale omgangsvormen en het verkleinen van inkomensverschillen breed gewaardeerde waarden zijn. Tegelijkertijd bestaan er ook traditionele opvattingen over relaties en genderrollen. Modernisering betekent blijkbaar niet automatisch dat traditionele waarden verdwijnen. Dat maakt Iran juist sociologisch interessant. De behoefte aan vrijheid en verandering kan naast een sterke waardering voor familie, traditie en sociale samenhang bestaan. Het is geen simpele strijd tussen modern en ouderwets.

Hoe lang kunnen maatschappelijke veranderingen worden tegengehouden?

Dat brengt ons terug bij de vraag: wat is Iran van plan?

Misschien kijken we bij die vraag te veel naar degenen die op dit moment de macht hebben. Voor de toekomst van Iran is minstens zo belangrijk wat zich onder de oppervlakte van de samenleving afspeelt. Daar zien we frustratie, angst en economische onzekerheid, maar ook ambitie, humor, sociale verbondenheid en een sterk verlangen naar een ander perspectief.

Uitspraken van jonge Iraniërs uit het onderzoek vat die tegenstelling treffend samen: zij voelen zich soms depressief en wanhopig en koken van woede, maar maken ondertussen grappen en doen alsof het leven goed is.

Daarachter ligt een nog fundamenteler verlangen: vrij kunnen reizen en in de wereld als normale mensen worden gerespecteerd. Dat klinkt misschien als een eenvoudige wens. In werkelijkheid zegt het veel over de afstand die is ontstaan tussen een deel van de Iraanse bevolking en het systeem waaronder zij leeft. De instabiliteit die daaruit voortkomt, vormt een grote bedreiging voor het theocratische leiderschap. Zeker wanneer spanningen binnen Iran samenvallen met instabiele ontwikkelingen buiten de landsgrenzen.

De vraag is daarom misschien niet alleen wat Iran van plan is. De belangrijkere vraag is hoelang een politiek systeem de ontwikkeling van zijn eigen bevolking kan blijven tegenhouden. Eeuwen van geschiedenis hebben ons geleerd dat uiteindelijk de wil van het volk de doorslag geeft. Het broeide al lang onder de bevolking van Berlijn, toch kwam de val van de  muur in 1989 voor velen onverwacht.

Presentatie en onderzoek

Deze publicatie is gebaseerd op de presentatie en aansluitende discussies die ik op 30 juli 2024 gaf tijdens de 77e WAPOR-conferentie in Seoul, Zuid-Korea.

Bekijk hier de volledige presentatieslides over het onderzoek naar de publieke opinie in Iran.

Wilt u meer weten over het representatieve onderzoek, neem dan contact met mij op.


Lees ook: In veel delen van de wereld zien we hoe jonge generaties bestaande maatschappelijke structuren ter discussie stellen. Dat geldt niet alleen voor Iran, maar ook voor Afrika, waar een nieuwe generatie steeds nadrukkelijker haar eigen economische en maatschappelijke toekomst vormgeeft. Lees ook Afrika wordt eindelijk wakker.